De Omertijd/Lag baomer

De Omertijd

Op de tweede avond Pesach beginnen we de 49 dagen tot Sjawoe’ot te tellen: Sefierat Ha’Omer – Omertelling. Dit tellen verbindt deze twee feesten met elkaar: Pesach kenmerkt onze fysieke bevrijding (de uittocht uit Egypte en de geboorte van het joodse volk) en Sjawoe’ot, toen wij de Tora kregen, kenmerkt onze geestelijke identiteit. Het tellen van de dagen tot Sjawoe’ot geeft o.a. aan dat wij opnieuw uitkijken naar het krijgen van de Tora.De 49 dagen van de Omertijd dienen ook als periode om ons karakter te ontwikkelen. Dan wordt het mogelijk meer intens de geestelijke relevantie van de Tora te ervaren. Kabbalistisch gezien betekent het cijfer 49 de perfectie van onze karaktertrekken. De ziel beschikt namelijk over zeven karaktertrekken van gevoel. Elk daarvan bevat de andere zeven trekken. Zo geven de 49 dagen ons de mogelijkheid om ons per dag op één karaktertrek te concentreren en naar meer perfectie te streven. Om klaar te zijn de Tora met volledige bereidheid - met vreugde en innerlijkheid – te ontvangen.

Lag Ba’Omer

 18 ijar / zondag 28 april 2013

De 33ste dag van de Omertelling is een feestelijke dag. Op deze dag in de vroege tweede eeuw hield een sterfte onder de leerlingen van Rabbi Akiva op. Op deze dag stierf, een aantal jaren later, Rabbi Sjimon Bar Jochai, een Misjnageleerde en schrijver van de Zohar, het belangrijkste werk van joodse mystiek. Omdat hij zijn taak in deze wereld had volbracht, vroeg hij zijn leerlingen zijn sterfdag als een vreugdevolle dag te herdenken. In Israel worden op deze dag overal vreugdevuren aangestoken; vooral dicht bij het graf van Rabbi Sjimon Bar Jochai in het stadje Meron.

 

Comments are closed.