Van onze Rabbijnen, deze week Rabbijn Spiero

Wilt u ook Tora leren, laat dit dan weten!

Op de eerste woorden van deze parasja: Im bechoekotai telegoe …… legt Rasji uit, dat deze woorden niet betrekking hebben op het vervullen van de mitswot, maar op het stevig leren van Tora, sjèti-joe ameliem baTora.

De Baál HaToeriem bevestigt dit op de zijn bekende wijze, dat ze allebei dezelfde gematria, getallenwaarde, hebben. Zowel im bechoekotai telegoe, als ameliem divré tora hebben dezelfde gematria, namelijk de getallenwaarde van 1017.

De verdere woorden van de openingszin luiden: “we’et mitswotai tismoroe, wa’asietem otam” … en mijn geboden zult u in acht nemen en ze ten uitvoer brengen.. Deze duiden dan op het naleven van de mitswot die gelernd worden.

Vreemd!

Het begrip choekim slaat in de regel op mitswot en niet op het leren van Tora.

Wij zien dit bijvoorbeeld verderop in de Tora. Aan het begin van parasjat choekat legt Rasji uit, dat choeka chokaktie ….. we’een lega resjoet leharheer achareha …. het woord chok heeft dan betrekking op mitswot die boven onze ratio staan, mitswot die voor ons niet begrijpelijk zijn.

Dit versterkt onze vraag, waarom gebruikt de pasoek in onze parasja het woord bechoekotai om te verwijzen naar het lernen van Tora, waarbij wij juist ons gezond verstand nodig hebben. Terwijl de Tora normaliter de term chok gebruikt bij iets dat boven ons verstand te boven gaat.

Het woord chok is afgeleid van de stam chakika: graveren, hakken of uithouwen. 

Het verschil tussen schrijven en uithouwen is:

Bij schrijven zet je met een pen inkt op papier, waardoor je daarna iets kunt lezen. Het papier raakt doordrongen van de inkt, maar ze blijven twee te onderscheiden entiteiten.

Na het uithouwen van letters in steen, komt er iets leesbaars te voorschijn. De letters die nu te lezen zijn, waren al als het ware onderdeel van de steen en blijven hiermee ook onlosmakelijk verbonden.

Op die manier heeft de uitgehouwen tekst op de steen geen afzonderlijk bestaan ​​van de steen. Met wat uitsteeksels naar buiten en holtes naar binnen komt een leesbare tekst tot stand.

Tora leren kan op verschillende wijzen:

1) Het basisniveau, waarin de student niet alleen de Tora leest of  bestudeert, maar tevens wordt verenigd met de Tora, waardoor zijn doen en laten hier een weerspiegeling van kan worden.

2) Een dieper niveau, waarin je door het leren van Tora uiteindelijk het niveau van de gegraveerde brief bereikt. Oftewel, waar het “zelf” van de student ophoudt te bestaan en zijn wezen,zijn essentie, zich als het ware verenigt met Tora.Hij wordt geleefd door de Tora.

Tora leren en mitswot doen is dus niet alleen van groot belang, maar van levensbelang, zoals de Tora dit zelf verwoordt: Im bechoekotai telegoe. Telegoe, zult gaan – niet zomaar Tora leren, maar met een extra dimensie Tora lernen, namelijk ameliem, door middel van inspanning kan je dit bereiken en dit in alsmaar toenemende mate Telegoe, vooruit blijven gaan.

Dit niveau van Tora leren wordt Bechoekatai genoemd. Bij het Tora leren moet je inderdaad je eigen seigel, verstand, goed gebruiken. Toch blijft de basis, dat jij je realiseert dat je de Tora van Hasjem aan het leren bent en die leer je in de eerste plaats omdat Hasjem dat van je verlangt en niet zozeer omdat jij daar een persoonlijk verlangen naar hebt.

Daarom kan het zijn dat de Tora hier met het woord bechoekotaj niet mitswot bedoelt, maar het hoge niveau van Tora leren.

Wilt u Joodse lessen volgen laat dit dan aub weten.

Met een vriendelijke sjabbat sjalom groet,

Rabbijn Zwi Spiero, staat voor u klaar!

 

Comments are closed.